Als u verder gaat op deze website gaat u akkoord met het gebruik van cookies op uw apparatuur. Lees meer over ons beleid rond cookies en welk soort cookies wij gebruiken door hier te klikken. Accepteer Cookies

Duurzaam beleggen en goed rendement kunnen heel goed hand in hand gaan

ESG integratie leidt tot een beter rendement en vermindert het risico, blijkt uit cijfers van Morningstar. Ook fondsmanagers raken in toenemende mate overtuigd van de positieve bijdrage van ESG integratie aan het rendement.

Robert van den Oever 06 september, 2017 | 16:10

De meest gestelde vraag over duurzaam beleggen gaat nog altijd over het rendement, stelt Jon Hale, Morningstar’s director of sustainability research. In theorie zou het antwoord moeten zijn dat er een risico is op underperformance. Omdat beleggers bij selectie volgens ESG criteria hun universum beperken, bestaat de kans dat ze een aantal goede beleggingskansen missen.

Voor sommige beleggers is dat misschien geen probleem. Er zullen beleggers zijn die het volgen van ethische en morele normen belangrijker vinden dan het stuk rendement dat ze missen omdat ze niet het maximale eruit halen. Het voorop stellen van ESG criteria kan hen op andere gebieden dan rendement tot betere beleggers maken: meer betrokken, geduldig en gericht op de lange termijn.

ESG integratie versus uitsluiting
Nu duurzaam beleggen al een tijdje onderdeel is van de beleggingswereld en beleggers steeds meer handvatten krijgen om het toe te passen, zoals de introductie van de Morningstar Sustainability Rating in maart 2016, verandert het denken over het beleggingsproces achter de schermen en over de rendementsverwachtingen.

De aanpak verschuift steeds verder in de richting van ESG integratie, dus de ESG criteria volledig onderdeel laten zijn van het keuzeproces. Dat is wat anders dan uitsluiting van onwenselijke bedrijven of sectoren, de aanpak die in de begintijd vooral werd toegepast.
Steeds meer professionele, institutionele beleggers en vermogensbeheerders zijn van mening dat integratie van ESG in het beleggingsproces een effectieve manier is om het risico te verminderen en om beleggingskansen te ontdekken, hetgeen het rendement ten goede kan komen.

Nieuw onderzoek
Recent onderzoek wijst steeds nadrukkelijker in die richting, aldus Hale. Hij onderzocht de prestaties van in de Verenigde Staten gevestigde duurzame fondsen. Daarbij liet hij fondsen die slechts uitsluiten op basis van een beperkte hoeveelheid negatieve redenen, zoals tabak, alcohol en gokken, religieus gedreven fondsen achterwege, want hun overwegingen zijn niet gestoeld op het opnemen van ESG criteria in hun beleggingsproces.

De groep open-end fondsen en ETF’s met een expliciet duurzaam mandaat omvat 187 fondsen. Daarvan zijn 141 open-end fondsen en 46 ETF’s. Van de 187 fondsen zijn er 76 die jonger zijn dan drie jaar, een belangrijke grens voor Morningstar. Er werden 35 fondsen gelanceerd in 2016 en iets minder dan de helft daarvan in 2017.

(klik op afbeelding voor vergroting)

De Morningstar Rating, ofwel de sterren, meet de voor risico aangepaste prestaties van een fonds, tot en met 10 jaar historie, in vergelijking met zijn categorie. De sterrenrating kent binnen iedere categorie een normaalverdeling. Een categorie kan zowel duurzame als conventionele fondsen naast elkaar bevatten.

De groep van 76 bevat verder 14 ETF’s die geen Morningstar Rating ontvangen omdat ze in de categorie diversen vallen, zodat er 97 duurzame fondsen met een Morningstar Rating overblijven.

De verdeling van Morningstar Ratings binnen de groep duurzame fondsen neigt in een positieve richting en dat suggereert dat ze beter presteren dan hun categoriegenoten. De fondsen komen grotendeels in het midden uit, met twee, drie en vier sterren. Dat is meer dan vergelijkbare fondsen, maar 38,2% van de duurzame fondsen heeft vier of vijf sterren terwijl slechts 22,7% één of twee sterren heeft. Op basis van de te verwachten verdeling zou die twee cijfers gelijk moeten liggen op omstrreks 33%.

De prestaties van de tamelijk nieuwe fondsen plaatsen hen in de bovenste helft van hun categorieën voor dit jaar tot dusver, vorig jaar en de voorafgaande twee jaar tot en met juni. Bovendien is hun rangschikking voor die periodes ten minste gelijk of beter dan die van de oudere groep duurzame fondsen.

Hoewel niets zeker is, verwacht Hale dan ook dat deze fondsen als ze hun driejarig bestaan bereiken, het niet slechter doen dan bestaande fondsen. Misschien doen ze het zelfs beter.

Deze positieve neiging in de Morningstar Rating van duurzame fondsen is opnieuw een bewijs dat het vooroordeel dat duurzaam beleggen rendement kost, duidelijk ontkracht. Bij selectie van een fonds zijn kwaliteit en deskundigheid van de fondsbeheerder uiteraard ook nog altijd heel belangrijk, maar het is duidelijk dat selectie met ESG criteria en een cocnurrerendrendement prima hand in hand kunnen gaan.

Meer weten over duurzaam beleggen?

Wilt u meer weten over duurzaam beleggen? Bekijk dan deze verzamelpagina waarin u alle artikelen en video's over de Morningstar Sustainability Rating bij elkaar vindt:

 

Lees meer over duurzaamheid:

Alle nieuwe duurzame fondsen van eerste halfjaar 2017 op een rij

7 manieren om duurzaam te beleggen

Deze fondsen scoren op Morningstar Analyst én op Sustainability Rating

Over de auteur

Robert van den Oever  Robert van den Oever is research editor bij Morningstar Benelux