Als u verder gaat op deze website gaat u akkoord met het gebruik van cookies op uw apparatuur. Lees meer over ons beleid rond cookies en welk soort cookies wij gebruiken door hier te klikken. Accepteer Cookies

Er zit meer in het vat bij Royal Dutch Shell dan u denkt

Beleggers schatten het verbeterpotentieel van Royal Dutch Shell te laag in. Ook zijn de zorgen over een eventuele dividendverlaging niet terecht, vindt Morningstar. De oliereus is momenteel ondergewaardeerd en dat biedt een instapkans voor de langetermijnbelegger.

Robert van den Oever 07 december, 2016 | 9:42

Er zit meer waarde in Royal Dutch Shell dan beleggers er momenteel aan toekennen. Verbetering van de kasstroom en het doorvoeren van kostenbesparingsmaatregelen gaat voortvarender dan de markt nu denkt. Daardoor is bovendien handhaving van het dividend helemaal niet zo onzeker als de markt vreest, stelt Morningstar-analist Allen Good. Hij acht het doel van 20 tot 25 miljard dollar voor de vrije kasstroom in 2020 haalbaar, ook als de olieprijs voor langere tijd laag blijft.

Voor veel beleggers was en is Royal Dutch Shell een hoeksteen van hun beleggingsportefeuille, en al helemaal voor de dividendbelegger. Er is de oliegigant veel aan gelegen om het dividend op niveau te houden, want dat verwacht de markt simpelweg na een onafgebroken traditie van vele jaren. Verlaging zou een zeer slecht signaal naar de markt zijn, maar de gedaalde inkomstenstroom als gevolg van de aanhoudend lage olieprijs speelt Shell parten bij zijn winstuitkeringscapaciteit.

Risico rond dividend
Want momenteel geeft Shell méér uit aan dividenduitkering dan de vrije kasstroom toelaat. Dat ziet de markt ook, en de zorgen over de haalbaarheid nemen toe, getuige het dividendrendement van 7%. Dat is uitzonderlijk, om niet te zeggen gevaarlijk hoog. Hoe dan ook wil Shell het vertrouwen bij beleggers hoog houden door vast te houden aan zijn dividendbetaling.

Morningstar is minder bezorgd over de haalbaarheid van het dividend. Volgend jaar kunnen dividendbetaling en kasstroom alweer break-even zijn als de kasstroom toeneemt naarmate de kostenverlagingen steeds verder gerealiseerd worden en de kapitaalsinvesteringen dalen, stelt analist Good. Hij concludeert dat het risico rond het dividend bij Shell niet groter is dan bij concurrerende oliegiganten.

Schuldpositie
De overname van de Britse gasproducent BG en de daarmee gepaard gaande schuld is voor beleggers ook een reden om te vrezen voor dividendverlaging. De gearing ratio, ofwel de hoeveelheid schuld ten opzichte van het totale vermogen, is momenteel 28%. Dat is aan de hoge kant en dicht bij de bovengrens die Shell zichzelf heeft gesteld.

De markt verwacht dat Shell de schuldpositie zal verminderen door bedrijfsonderdelen te verkopen volgens Shells eigen plan om voor 30 miljard dollar aan desinvesteringen te doen. Analist Good denkt dat de schuldratio zelfs zonder desinvesteringen weer in gunstiger terrein komt, gegeven de toenemende kasstroom en de verbeterende operationele winst. Want kasstroom en winst hebben duidelijk herstelpotentieel, en de markt onderschat de kracht daarvan, vindt Good.

Mogelijkheden voor kostenbesparingen
Door de overname van BG voorspelde Shell een kostenbesparing van 20% ten opzichte van het kostenniveau van 2014. Dat streven is inmiddels gehaald door het schrappen van 12.500 banen en efficiencymaatregelen. Verdere besparingen zullen komen door nog meer banen te schrappen en door zich uiterlijk in 2018 terug te trekken uit 5 tot 10 landen. Dit vermindert de geografische reikwijdte en het aantal oliebronnen, maar het verlaagt nog meer dan dat de overhead- en productiekosten.

Maar dat blijft het niet bij. Analist Good ziet nog volop mogelijkheden om in een goed tempo de kosten verder te laten dalen. Daarbij speelt de malaise bij de toeleveranciers aan de olie-industrie een rol. De lage olieprijs en overcapaciteit bij de oliedienstverleners geven Shell de mogelijkheid om hen tegen lagere prijzen in te huren, en alleen dat al zal het kostenplaatje gunstiger te maken.

Shell zal volgens de analist voortvarender en sneller de resultaten van zijn kostenbesparingen afleveren dan de concurrentie. Meer efficiency in het proces betekent ook dat opgepompte olie vanuit het upstream gedeelte daarna bij de raffinage en distributie in de downstream activiteiten een hoge marge oplevert. Analist Good ziet dat effect vooral bij nieuwe diepzee-projecten in Brazilië en de Golf van Mexico. Die leveren naar de verwachting van Good minder productievolume op dan projecten van concurrenten, maar wel een hogere marge.

Installatie van het Pearl GTL gasproject in Qatar. (foto's: beeldbank Shell)

Kasstroomdoel is haalbaar
Alles bij elkaar is het kasstroomdoel voor 2020 veel makkelijker haalbaar dan beleggers nu denken, concludeert Good. Wel gaat hij in zijn ramingen uit van een hogere olieprijs dan nu op de borden staat. Shell rekent met 60 dollar per vat en Good met 65 dollar per vat.

Analist Good komt tot een Fair Value van 27,50 euro voor het Royal Dutch Shell A aandeel dat genoteerd is aan Euronext Amsterdam. Hij gaat in zijn rekenmodel daarbij uit van een olieprijs van gemiddeld 45 dollar per vat in 2016, 51 dollar in 2017 en 68 dollar in 2018.

Geen Economic Moat
Shell krijgt van analist Good geen Economic Moat rating mee, omdat de oliereus geen langdurige concurrentievoordelen kent. De kostenstructuur van de upstream activiteiten, ofwel het zoeken en oppompen van olie, is zelfs aan de hoge kant in vergelijking met concurrenten. De overname van het efficiëntere BG moet die kostenstructuur gunstiger maken.

De Moat Trend is Stable, waar Good tot voor kort een Negative hanteerde. De verhoging van de Moat Trend komt door de boven geschetste verwachting dat de kosten voor oliebedrijven zullen dalen nu de olieservicebedrijven omlaag moeten met hun prijzen als gevolg van de crisis in hun branche door de aanhoudend lage olieprijs.

  • Meer weten over Royal Dutch Shell? Kijk dan op de fondspagina van Morningstar. Daar vindt u alle informatie over aandelenkoers, resultaatscijfers en kwartaalrapportages.

 

Bekijk hieronder de koersgrafiek van het aandeel Royal Dutch Shell A aan Euronext Amsterdam:

(klik op grafiek voor vergroting)

Morningstar definieert bij alle bedrijven die het volgt de sterke en zwakke punten onder de noemer Bulls & Bears. Voor Royal Dutch Shell zijn dat de volgende:

Bulls

  • Gezien het dividendrendement van 7% houden beleggers rekening met een dividendverlaging en onderschatten zij de mogelijkheden tot verbetering en de voordelen van de overname van BG.
  • Als een van de grootste spelers ter wereld in de gasproductie kan Shell profiteren van de wereldwijd stijgende vraag naar gas en het waarschijnlijke prijsherstel in de komende jaren.
  • Shell onderscheidt zich van zijn concurrenten door een groot segment raffinage en chemie-activiteiten, die veel waarde kunnen toevoegen in tijden dat de olieprijs sterk fluctueert.

 

Bears

  • Shell hoge schuldpositie en de wens om voor 30 miljard dollar te desinvesteren om die te verlagen brengt risico met zich mee.
  • Als de olieprijs niet boven de 60 dollar per vat uitkomt in de nabije toekomst, dan moet Shell wellicht zijn dividend verlagen.
  • Een derde van Shells raffinagecapaciteit bevindt zich in Europa, en daardoor ontbreekt kostenvoordeel en is er tegelijk druk op marges door goedkope importolie.

 

Lees meer over aandelen:

- Aantrekkelijk instapmoment Anheuser-Busch InBev door koersdruk

- Aandeel Deutsche Bank is fair gewaardeerd

- Morningstar verlaagt Fair Value Ahold Delhaize

- Een jaar na het sjoemelschandaal: de mondiale auto-industrie

- Mondiale auto-industrie deel 2: de niche-spelers

Over de auteur

Robert van den Oever  Robert van den Oever is research editor bij Morningstar Benelux