ETFs in bedrijfsobligaties flink in de lift

Morningstar analyseert de risicoperceptie, rendementsstijging en marktaandeel van bedrijfsobligaties.

Jose Garcia Zarate 23 april, 2012 | 15:30
Facebook Twitter LinkedIn

Beursverhandelde fondsen (exchange-traded funds ofwel ETFs) die een blootstelling bieden aan de markt van de bedrijfsobligaties – zowel van kwaliteit ('investment grade') als mindere kwaliteit ('non-investment grade', bijvoorbeeld hoogrentende 'high yield' obligaties) – hebben het jaar bijzonder mooi ingezet.

Volgens onze berekeningen op basis van Morningstar's gegevens over de kapitaalstromen, bedroegen de totale netto-instromen voor de verschillende categorieën van in Europa gevestigde ETFs in bedrijfsobligaties tijdens de eerste twee maanden van 2012 in totaal EUR 1,447 miljard, waarvan EUR 1,224 miljard naar fondsen ging die indices van bedrijfsobligaties van beleggingskwaliteit volgen, en EUR 0,223 miljard naar ETFs in hoogrentende bedrijfsobligaties. (Opmerking: deze cijfers vertegenwoordigen de som van de maandelijkse netto-instromen naar in EUR, GBP en USD luidende ETFs in bedrijfsobligaties van beleggingskwaliteit en in hoogrentende bedrijfsobligaties).

De kracht die van de netto-instromen naar deze ETFs uitgaat, mag niet worden onderschat. Allereerst hebben ze van bedrijfsobligaties tijdens de berekeningsperiode één van de populairste beleggingscategorieën gemaakt voor Europese ETF-beleggers. Op het gebied van beleggersbelangstelling bleven in EUR luidende ETFs in bedrijfsobligaties van beleggingskwaliteit immers alleen achterop bij de categorie ‘aandelen opkomende markten’ en was het verschil gering (bijvoorbeeld EUR 1,103 miljard ten opzichte  van EUR 0,978 miljard). Bovendien waren twee ETFs in bedrijfsobligaties van beleggingskwaliteit, namelijk het iShares BarCap Euro Corporate Bond Ex-Financials ETF (IEXF) en het iShares Markit iBoxx Euro Corporate Bond (IBLQ), de op één en twee na populairste ETFs in de Europese markt, alleen overtroffen door het aandelen-ETF iShares MSCI Emerging Markets.

Globaal genomen hebben de netto-instromen naar in Europa gevestigde ETFs in bedrijfsobligaties van beleggingskwaliteit en hoogrentende bedrijfsobligaties de netto-uitstromen bij ETFs in overheidsobligaties ruimschoots gecompenseerd. Dat heeft er op zijn beurt voor gezorgd dat de brede categorie van de vastrentende ETFs positieve nettokapitaalstromen kon registreren.

Dit betekent heel wat, daar het gecombineerde aanbod van ETFs in bedrijfsobligaties eind februari 27 fondsen omvatte (23 in obligaties van beleggingskwaliteit en 4 in hoogrentende obligaties), in vergelijking met 135 ETFs in staatsobligaties (opmerking: dit is de som van de ETFs die een blootstelling bieden aan de markten van de overheidsobligaties van de eurozone, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten, zowel wat conventionele als aan de inflatie gekoppelde obligaties betreft).

Risicoperceptie en rendementsstijging belangrijkste factoren voor beleggers
De problemen in verband met de staatsschuld van aardig wat ontwikkelde economieën sinds het begin van de wereldwijde financiële crisis hebben geleid tot een aanzienlijke verschuiving in de perceptie van het beleggingsrisico. In het voordeel van bedrijfsschulden en dan met name papier van beleggingskwaliteit uitgegeven door niet-financiële ondernemingen en gedekt door opgeschoonde balansen. De gereduceerde risicoperceptie en het vooruitzicht van relatief goede kansen op een hoger rendement ten opzichte van overheidsobligaties met een AAA-rating (dat wil zeggen dat de kredietspreads boven het niveau van voor de crisis blijven, ondanks flink gedaalde rendementen op bedrijfsobligaties), zijn voor beleggers in de huidige omgeving een onweerstaanbare combinatie geworden.




De verschuiving in risicoperceptie was ook gunstig voor de categorie van de hoogrentende bedrijfsobligaties. Door de strengere regels binnen de traditionele kanalen voor bankleningen sinds het begin van de crisis zijn kleine en middelgrote ondernemingen vaak genoodzaakt om voor hun financieringsbehoeften een beroep te doen op de openbare markten. Uit gegevens van de Association for Financial Markets in Europe (AFME) blijkt dat de uitgifte van hoogrentende obligaties in Europa in 2011 een recordhoogte van EUR 49,7 miljard heeft bereikt, een stijging ten opzichte van 2010 (EUR 44,6 miljard) en 2009 (EUR 30 miljard).

Daarboven vertegenwoordigt het aantal uitgegeven hoogrentende obligaties nu bijna 50 procent van de kredietmarkt in Europa, tegenover 10-20 procent voor de crisis. De toename van financiering via de uitgifte van hoogrentende obligaties liep gelijk met een opmerkelijke verschuiving in het eindgebruik ervan. Uit gegevens na 2008 blijkt dat 50-70 procent van de opgehaalde financiering werd gebruikt voor de terugbetaling en/of herstructurering van schulden, tegenover 10-20 procent tijdens de jaren voor de crisis. Bijgevolg konden we een aanzienlijke daling in het aantal wanbetalingen op hoogrentende obligaties waarnemen, een belangrijke factor bij de bevordering van de perceptie dat de markt van de hoogrentende obligaties inmiddels mogelijk structureel minder risico's vertoont.


Stijgend marktaandeel en nieuwe ETF-producten
Of de perceptie van beleggers over de markt van de bedrijfsobligaties, en in het bijzonder het hoogrentende segment, gebaseerd is op volledig rationele veronderstellingen, is voer voor discussie. De markt blijft immers inherent onderworpen aan een hoge mate van volatiliteit, zoals in de tweede helft van 2010 duidelijk bleek na de dreiging van een grootschalige bankencrisis in de eurozone. Alles welbeschouwd is het geen verrassing dat het globale marktaandeel voor ETFs in bedrijfsobligaties en in hoogrentende obligaties op de Europese markt is toegenomen tot ruwweg 30 procent van de activa van vastrentende ETFs, tegenover 25 procent een jaar geleden. Dat van overheidsobligaties is echter gedaald van 60 procent tot 53 procent.

Het is evenmin een verrassing dat van de reeks van vastrentende ETFs die sinds het begin van het jaar op de markt werden geïntroduceerd, de twee producten die een blootstelling bieden aan de markt van de hoogrentende obligaties juist de producten zijn waar de grootste belangstelling voor bestaat. Het SPDR BarCap EUR High Yield Bond ETF (SYBJ), dat begin februari werd geïntroduceerd, is een fonds dat via fysieke replicatie de BarCap Liquidity Screened Euro HY Bond Index volgt, die obligaties bevat met een looptijd tot (maar exclusief) 15 jaar en een minimaal uitstaand bedrag van EUR 250 miljoen. Er wordt een TER van 0,45 procent aangerekend.

Recenter, een aantal dagen voor dit artikel, werd het PIMCO Source Short-Term High Yield Corporate Bond ETF (STHY) geïntroduceerd. Dit in USD luidende ETF, dat eveneens gebruikmaakt van fysieke replicatie, volgt de prestaties van de BofA Merrill Lynch 0-5 US HY Constrained Index. Op de Europese markt is dit het eerste ETF dat een blootstelling biedt aan het kortlopende segment van de – in dit geval Amerikaanse – markt van de hoogrentende obligaties. Het PIMCO Source ETF wordt gepromoot als een hulpmiddel om de volatiliteit te beperken, dat gebruikmaakt van de expertise van beheerders van PIMCO om toe te zien op de kwaliteit van de componenten van het fonds, via een intern ontwikkeld scoresysteem om de laagst mogelijke graad van wanbetalingsrisico te verzekeren. De prijs voor wat PIMCO Source beschrijft als 'slimme passieve methode' is een in verhouding hogere TER van 0,55 procent.




Bezoek ook Morningstar's ETF Center met artikelen over ontwikkelingen op de ETF-markt en ETF-strategieën. De ETF Bibliotheek staat vol artikelen over beleggen in en met ETFs.

Facebook Twitter LinkedIn

Over de auteur

Jose Garcia Zarate  is an ETF analyst with Morningstar UK.

© Copyright 2022 Morningstar, Inc. Alle rechten voorbehouden.

Voorwaarden        Privacybeleid        Cookie Settings