Beleggen in mijnbouwbedrijven: goed idee?

Nu de prijzen van grondstoffen torenhoog zijn, lijken aandelen van mijnbouwbedrijven interessant. Maar wie erin wil beleggen, moet zich wel goed achter z’n oren krabben, want in deze sector beleggen is zeer riskant. Drie grote spelers onder de loep: Glencore, Anglo American en BHP.

Rentsje de Gruyter 04 juli, 2022 | 10:47
Facebook Twitter LinkedIn

commodities

Je zou denken: de prijzen van de grondstoffen die mijnbouwbedrijven delven, zoals steenkool, koper en ijzererts, zijn bijzonder hoog, en dus zijn deze bedrijven de moeite van het kopen waard. De oorlog tussen Rusland en Oekraïne, en de als reactie daarop opgelegde sancties, zorgt nu eenmaal voor een groot (toekomstig) tekort aan brandstof: er stroomt nu al veel minder olie en gas richting de Europese Unie vanuit Rusland.

Daardoor is steenkool opeens weer een optie geworden als energiebron, nadat deze fossiele brandstof eerder juist in de ban werd gedaan (in elk geval in sommige West-Europese landen) vanwege zijn milieuonvriendelijke karakter. Bijvoorbeeld Duitsland gaat zijn kolencentrales weer méér laten produceren en ook in Nederland besloot het kabinet onlangs dat centrales weer volop mogen draaien, zoals NRC meldde.

Terwijl begin dit jaar net bij wet vastgelegd was dat Nederlandse kolencentrales de komende drie jaar slechts 35% van hun volledige capaciteit mogen benutten. Maar nood breekt wet en onder druk wordt alles vloeibaar.

Betekent dit dat beleggen in mijnbouwbedrijven nu ineens weer wél een goed idee is? Zo simpel is het niet: mijnbouw blijft natuurlijk een zeer milieuvervuilende activiteit en ook een zeer cyclische activiteit. Als de economie wereldwijd instort, neemt de vraag naar kolen immers even hard af - en kan de prijs zo weer kelderen. Veel experts denken dat het risico groot is dat er de komende tijd weer een recessie uitbreekt.

 

Mijnbouwbedrijven als melkkoe

En mijnbouw brengt nog meer risico’s met zich mee, waarvan sommige ook analisten niet zien aankomen. Zo maakte de premier van Queensland, een van de grootste staten van Australië, op 21 juni bekend dat de regering hogere royalties oplegt aan kolenexploitanten. ‘Die maken recordwinsten’, zei premier Anastasia Palaszczuk tegen journalisten ter verklaring. ‘Bewoners van Queensland zien ook dat sommige van deze bedrijven miljoenen dollars verdienen aan de export van kolen. En wij kunnen die [opbrengst van hogere royalties] steken in ziekenhuizen en scholen, in deze regio,’ zo quootte de Britse krant The Guardian de premier.

Wie weet of regeringen elders niet zullen volgen met soortgelijke maatregelen? Feit is dat steenkool uit de gratie is in de publieke opinie vanwege de hoge uitstoot van CO₂ die gebruik van deze fossiele brandstof met zich meebrengt en de milieuschade die het delven ervan met zich meebrengt. Dat maakt van mijnbouwbedrijven een makkelijk doelwit voor regeringen die om geld verlegen zitten, zo schrijft aandelenanalist Mathew Hodge van Morningstar in een analyse die hij onlangs publiceerde over drie grote beursgenoteerde mijnbouwbedrijven - Glencore, Anglo American en BHP.

En in deze tijden, waarin overheidsschulden meer pijn gaan doen vanwege de stijgende rente, en die schulden hoog zijn na twee jaar coronasteun, een half jaar oorlog in Oekraïne en grote investeringen in de energietransitie, zal de verleiding groot zijn om mijnbouwers zwaarder te belasten. Ironisch genoeg zou dat er ook toe kunnen leiden dat diezelfde regeringen op de lange termijn meer geld kwijt zijn aan de aankoop van steenkool, volgens Hodge: door de verhoogde afdracht stijgen de kosten van mijnbouwbedrijven, en die uitgaven kunnen ze doorberekenen aan afnemers.

 

Hogere kosten voor mijnbouwconcerns

De hogere royalties komen voor de mijnbouwsector op een ongunstig moment: hun kosten stijgen sowieso al hard vanwege de inflatie, die arbeid, brandstof en de aankoop van apparatuur duurder maakt. Morningstar denkt dat de stap van de regering in Queensland – een staat in het noordoosten van Australië met meer dan 5 miljoen inwoners – waarschijnlijk zal leiden tot minder investeringen in de mijnbouw in Queensland. Daarbij speelt ook een rol dat naar verluidt de Queenlandse regering vooraf niet overlegde over de maatregel met de mijnbouwindustrie, aldus Hodge.

De maatregel in Queensland heeft als gevolg dat Morningstar de geschatte reële waarde van drie van de vijf grote beursgenoteerde mijnbouwbedrijven, de zogeheten Fair Value, verlaagt. Bij BHP gaat de Fair Value van 38,50 naar 38,00 Australische dollars per aandeel (omgerekend een lichte daling van €25,46 naar €25,13). De Fair Value van Glencore daalt van 580 Britse pence naar 570 pence (oftewel van circa €6,75 per aandeel naar €6,63). tot slot Anglo American dat van 3.350 Britse pence naar een Fair Value van 3.200 pence per aandeel gaat (ofwel van circa €38,98 naar €37,24). De geschatte Fair Value bedragen van New Hope en Whitehaven Coal blijft wel hetzelfde: respectievelijk 4 en 5,20 Australische dollars, omgerekend ongeveer €2,64 en €3,43.

In een volgend deel van dit verhaal nemen we de drie mijnbouwbedrijven individueel onder de loep en kijken we naar hun specifieke activiteiten, marktposities en verschillen.

Facebook Twitter LinkedIn

Over de auteur

Rentsje de Gruyter  Rentsje de Gruyter schrijft freelance voor Morningstar Benelux.

© Copyright 2022 Morningstar, Inc. Alle rechten voorbehouden.

Voorwaarden        Privacybeleid        Cookie Settings